Wie veel uren achter een beeldscherm doorbrengt, merkt het vroeg of laat in nek, schouders of onderrug. Vaak ligt de oorzaak niet bij de stoel of het bureau, maar bij een scherm dat simpelweg op de verkeerde hoogte of afstand staat. De standaardvoet die bij de meeste monitoren hoort, biedt weinig ruimte om dat te corrigeren. Een monitorarm lost dat probleem op, maar het aanbod is groot en de prijsverschillen zijn flink.
In dit artikel lees je welke soorten monitorarmen er zijn, op welke punten je let voordat je er een koopt en waarom een goed afgestelde arm zoveel verschil kan maken voor je houding.
Waarom een monitorarm helpt
De ideale schermpositie is eigenlijk vrij eenvoudig: de bovenrand van het scherm op of net onder ooghoogte, en ongeveer een armlengte afstand tussen jou en het beeld. Staat het scherm te laag, dan buig je je hoofd naar voren. Dat lijkt onschuldig, maar je nek draagt dan al snel een veelvoud van het gewicht van je hoofd.
Met een monitorarm zet je het scherm precies waar jij het nodig hebt, en pas je het eenvoudig aan als je wisselt tussen zitten en staan. Daarnaast komt er ruimte vrij op je bureau, omdat de voet van de monitor verdwijnt. Dat klinkt als een bijzaak, maar een opgeruimd werkblad geeft je meer bewegingsvrijheid voor toetsenbord, papieren en je onderarmen.
De belangrijkste soorten
Monitorarmen zijn er in grofweg drie varianten. De eenvoudigste is een vaste arm of paal, waarbij je de hoogte instelt met een klem of schroef. Die is betaalbaar en stevig, maar minder geschikt als je vaak iets wilt verschuiven. Een stap hoger staat de arm met gasveer of mechanische veer. Daarmee beweeg je het scherm met één hand omhoog, omlaag, naar voren of opzij, en blijft het daarna gewoon staan.
Verder kun je kiezen tussen een enkele arm, een dubbele arm voor twee schermen of zelfs modellen voor drie of vier monitoren. Bij twee schermen is een dubbele arm handig om beide beelden op dezelfde hoogte en in een lichte boog te zetten, zodat je hoofd niet steeds hoeft te draaien. Tot slot bestaan er wandarmen, die vooral nuttig zijn als je bureau geen geschikte rand heeft of als je een vaste werkplek inricht.
Waar je op let bij aanschaf
Een monitorarm is pas een goede investering als hij past bij jouw scherm en jouw bureau. Controleer daarom eerst een paar technische punten voordat je gaat vergelijken op prijs of uiterlijk.
- VESA-aansluiting: kijk of je monitor de gangbare 75×75 of 100×100 mm bevestiging heeft.
- Draagvermogen: het gewicht van je scherm moet binnen het bereik van de veer vallen, anders zakt het weg of veert het terug.
- Schermformaat: brede en gebogen monitoren vragen om een stevigere arm.
- Bevestiging: een bureauklem werkt op de meeste bladen, een doorvoer door het blad is stabieler maar vraagt een gat.
- Kabelbeheer: geïntegreerde kabelgoten houden je werkplek rustig.
Goedkoop of duurder model?
Het prijsverschil tussen een eenvoudige en een premium monitorarm zit vooral in de afwerking, de soepelheid van de bewegingen en de levensduur van de veer. Een goedkope arm kan prima volstaan als je het scherm één keer instelt en daarna laat staan. Wissel je regelmatig tussen zitten en staan, of deel je de werkplek met anderen, dan betaalt een soepel verstelbare arm zich sneller terug.
Let ook op garantie en de mogelijkheid om de veerspanning zelf bij te stellen. Wil je modellen naast elkaar leggen, dan vind je op Het Beste voor Kantoor vergelijkingen van kantoorproducten waarmee je opties op prijs en kwaliteit kunt afwegen. Zo zie je sneller welke kenmerken bij jouw situatie horen en welke je eigenlijk niet nodig hebt.
Zo stel je de arm goed af
Een dure arm helpt weinig als hij verkeerd staat. Ga recht op je stoel zitten, voeten plat op de grond, en kijk ontspannen vooruit. Zet het scherm zo dat je blik vanzelf op het bovenste deel valt, en kantel het een paar graden naar achteren. De afstand is goed als je de tekst zonder voorover te leunen kunt lezen.
Draag je een multifocale bril, zet het scherm dan wat lager, zodat je niet met je hoofd naar achteren hoeft te kijken. En controleer de instelling na een paar dagen opnieuw: wat in eerste instantie goed voelt, blijkt soms toch net niet te kloppen.
